Terug
Gepubliceerd op 03/04/2026

Besluit  de gemeenteraad

di 31/03/2026 - 20:00

Begraafplaatsenreglement - goedkeuring

Aanwezig: Tom Aelbrecht, Voorzitter Gemeenteraad
Matthijs Verschraegen, Karen De Colfmacker, Johan De Bleecker, Guido De Temmerman, Tom Van Canneyt, leden van het college van burgemeester en schepenen
Eric De Vriendt, Patrick Moreels, Emmy Herregodts, Werner Baudewijn, Francia Neirinck, Angélique De Clercq, Peter Van Den Haute, Delfine Verbruggen, Marleen Mornie, Lieven De Pessemier, Carine Melkebeke, Koen Vlassenroot, gemeenteraadsleden
Philip Lefever, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Louis Ide, Gemeenteraadslid

De gemeenteraad keurt het begraafplaatsenreglement goed. 

Voorwerp en motivering

Momenteel is er geen echt bindend begraafplaatsenreglement. In de dagdagelijkse praktijk stelt dit een probleem in opvolging, bv vragen vanuit begrafenisondernemers, burgers,…

Daarnaast is er ook een nood aan praktische modaliteiten  n.a.v. o.a. het in gebruik nemen van de urnenbewaarplaats in Sint-Denijs-Boekel, de vernieuwing van de begraafplaats Sint-Anna te Roborst, het aanbieden van uniforme naambordjes strooiweides, …

We willen vanaf 01.05.2026 een sterrenregister aanbieden. Er is op de begraafplaats Sint-Anna een sterrenweide voorzien. De modaliteiten van ingebruikname hiervan dienen mee opgenomen te worden.

De geldende regeling rond concessies werd herbekeken i.f.v. lange termijnvisie op de beschikbare begraafplaats ruimte.

Op 09.02.2024 werd een nieuw decreet ter wijziging van het decreet van 16.01.2004 goedgekeurd en bekrachtigd. Daar werden onder meer wijzigingen goedgekeurd rond:

  • Persoon die beslissings-verantwoordelijkheid heeft over de asbestemming
  • Het bijzetten van reeds overleden gezelschapsdieren
  • Uitbreiden van de mogelijkheden die opgenomen kunnen worden in de laatste wilsbeschikking

De eerste 2 wijzigingen dienen mee opgenomen te worden in het reglement. 

 

Verwijzingen

Gemeenteraadsbesluit 30.05.2024 houdende "Reglement houdende vaststellen tarieven en begraafplaatsconcessies - vaststellen ereloon beëdigde arts - bevoegdheidsvaststelling verlenen begraafplaatsconcessies - aanpassing en hercoördinatie"

Regelgeving

Decreet van 9 februari 2024 tot wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, het decreet van 12 juli 2013 houdende toekenning van subsidies voor gebouwen van de eredienst, gebouwen voor de openbare uitoefening van de niet-confessionele morele dienstverlening en crematoria

Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur

Besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 houdende nadere regels inzake begraafplaatsen en lijkbezorging (en latere wijzigingen).

Besluit van de Vlaamse regering van 21 oktober 2005 tot bepaling van de voorwaarden waaraan een doodskist of een ander lijkomhulsel moet beantwoorden

Omzendbrief BA 2006/03 van 10 maart 2006 betreffende de toepassing van het decreet van  16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten

Bijlage

Begraafplaatsenreglement 

Inhoudstafel

Hoofdstuk 1 – Begrippen

Hoofdstuk 2 – Algemeenheden

  • Art. 2.1 Openingsuren
  • Art. 2.2 Uren en dagen voor begravingen
  • Art. 2.3 Overzicht begraafplaatsen in Zwalm
  • Art. 2.4 Bevoegdheden van het lokaal bestuur

Hoofdstuk 3 – Beheer van de begraafplaats

  • Art. 3.1 Verboden en ordehandhaving
  • Art 3.2 Bezinningsruimtes
  • Art. 3.3 Wie kan begraven worden
  • Art. 3.4 Neutraliteit en geloofsovertuiging
  • Art. 3.5 Wijze van bijzettingen in bestaande graven

Hoofdstuk 4 – Graftekens, sierelementen en beplanting

  • Art. 4.1 Algemene bepalingen
  • Art. 4.2 Verplichtingen rond graftekens
  • Art. 4.3 Bijzetting en verwijdering graftekens
  • Art. 4.4 Afmetingen van graftekens & grafpercelen
  • Art. 4.5 Beplanting en ornamenten

Hoofdstuk 5 – Crematies

  • Art. 5.1 Formele bepalingen
  • Art. 5.2 Asbestemming op begraafplaats
  • Art. 5.3 Asbestemming buiten de begraafplaatsen
  • Art. 5.4 Gezamenlijke begraving van echtgenoten/partners
  • Art. 5.5 Uniforme naamnaambordjes Sint-Annabegraafplaats

Hoofdstuk 6 – Niet-geconcedeerde percelen/nissen

  • Art. 6.1 Grafrust
  • Art. 6.2 bestemming/aantal
  • Art. 6.3 Bijbegraving en bijzetting

Hoofdstuk 7 – Geconcedeerde percelen/nissen

  • Art. 7.1 Concessies en voorwaarden
  • Art. 7.2 Toegelaten personen
  • Art. 7.3 Duur en tarieven
  • Art. 7.4 Definitie eigen inwoners
  • Art. 7.5 Aanvraagprocedure
  • Art. 7.6 Verlenging van concessies
  • Art. 7.7 Bijzetting in geconcedeerde percelen
  • Art. 7.8 Eeuwigdurende concessies
  • Art. 7.9 Terugname van concessies
  • Art. 7.10 Terugname wegens openbaar belang
  • Art. 7.11 Eigendom na afloop concessie

Hoofdstuk 8 – Strooiweide

  • Art. 8 Strooiweide

Hoofdstuk 9 – Urne met as van overleden gezelschapsdieren

  • Art. 9 Urne met as van overleden gezelschapsdieren

Hoofdstuk 10 – Retroactieve thuisbewaring

  • Art. 10 Retroactieve thuisbewaring

Hoofdstuk 11 – Urnenbewaarplaats Sint-Denijs-Boekel

  • Art. 11.1 Toegang en registratie
  • Art. 11.2 Naambordjes
  • Art. 11.3 Bloemen en herdenkingssymbolen
  • Art 11.4 Bezinningsruimte

Hoofdstuk 12 – Sterretjesweide en kinderbegraafplaats

  • Art 12  Sterretjesweide en kinderbegraafplaats

Hoofdstuk 13 – Ereperken oud-strijders, erkende verzetsstrijders en oorlogsslachtoffers

  • Art. 13.1 Graven van oud-strijders en erkende verzetsstrijders
  • Art. 13.2 Graven van oorlogsslachtoffers
  • Art. 13.3 Graven van lokaal historisch belang

Hoofdstuk 14– Ontgravingen

  • Art. 14.1 Toegelaten gevallen
  • Art. 14.2 Procedure en voorwaarden
  • Art. 14.3 Praktische uitvoering

Hoofdstuk 15 – Ontruiming van graven

  • Art. 15 Ontruiming van graven

Hoofdstuk 16 – Verwaarlozing van graven

  • Art. 16.1 Vaststelling en gevolgen
  • Art. 16.2 Dringende maatregelen

Hoofdstuk 17 – Sluiting van een begraafplaats

  • Art. 17 Sluiting van een begraafplaats

 

 

Hoofdstuk 1 – begrippen

Urnegraf: een graf, volgens de voorziene afmetingen, voor het begraven van (een) asurne(n).

Grondgraf: een graf, volgens de voorziene afmetingen, in volle grond, voor het begraven van stoffelijke overschotten en/of asurne(n).

Columbarium: een muur voorzien van urnenissen voor het plaatsen van asurne(n).

Asurne: een gesloten houder (vaas, urne) bestemd voor het bewaren van de asresten van een gecremeerd stoffelijk overschot.

Concessie: een vergunning van het lokaal bestuur voor het gebruik van een perceel of nis, per persoon, als rustplaats voor het stoffelijk overschot, gedurende de overeengekomen periode en tegen het vastgelegde tarief.

Begunstigde van een concessie: diegene(n) voor wie de concessie wordt aangegaan.

Concessiehouder: de titularis van de concessie, diegene die de concessie aanvraagt bij het lokaal bestuur.

Grafperceel: bovengrondse ruimte, waarop een grafteken moet worden aangebracht.

Grafteken: een gedenkteken of monument op een begraafplaats dat een graf markeert en dient ter nagedachtenis aan een overledene. Het is een verzamelnaam voor materiële aanduidingen, waaronder grafstenen, grafzerken, urneplaten, kruisen, sculpturen…

Sterrenkindje: niet levensvatbaar, stilgeboren kindje

Sterretjesweide: een zone binnen een begraafplaats, een koesterplaats, bestemd voor de symbolische herdenking van sterrenkindjes.

 

Hoofdstuk 2 – Algemeenheden

Art . 2.1

Alle begraafplaatsen op het grondgebied van de gemeente Zwalm zijn open en toegankelijk van 8u-20u.

Art . 2.2

Op de begraafplaatsen in Zwalm is de begraving van stoffelijke overschotten en asurnen of bijzetting van asurnen in het columbarium mogelijk op onderstaande dagen/uren: 

-  Maandag t.e.m. zaterdag van 9u-16u

Op de begraafplaatsen in Zwalm is de begraving van stoffelijke overschotten en asurnen of bijzetting van asurnen in het columbarium niet mogelijk op onderstaande dagen/uren: 

- zondagen, wettelijke feestdagen, brugdagen, 2 januari, 26 december, 31 december;

- op vooraf via de website, sociale media of gemeenteblad, aangekondigde sluitingsdagen van het lokaal bestuur;
- wanneer het door overmacht niet mogelijk is begrafenissen/bijzettingen op de begraafplaats uit te voeren. Het bestuur bepaalt in dat geval wanneer en onder welke omstandigheden de bijzetting en/of begraving alsnog kan plaatsvinden.

Alle afwijkingen op bovenstaande uren/dagen vragen een retributietoeslag van 125 euro en mogen enkel uitgevoerd worden na de schriftelijke toestemming van de burgemeester of zijn afgevaardigde.

Er moet altijd vooraf een aanvaardingsbewijs verkregen worden van het lokaal bestuur.

Het tarief hierboven wordt jaarlijks aangepast telkens op 1 januari volgens volgende formule : vergoeding = startbedrag x index consumptieprijzen december jaar voor aanpassing / index consumptieprijzen december 2025 met afronding naar hoger liggende tiental

Tenzij in speciale gevallen en op advies van de behandelende geneesheer, gebeurt ten vroegste 24 uur na het overlijden, de begraving van niet-gecremeerde stoffelijke overschotten of de crematie met daarop volgend de begraving, bijzetting of verstrooiing van de as.

Het ter aarde laten van de kist of het bijzetten in de nis gebeurt door de medewerkers van het lokaal bestuur. Dit gebeurt, met het oog op de sereniteit, in principe zonder aanwezigheid van de nabestaanden. Uitzondering hierop dient voorafgaand aangevraagd te worden en is de bevoegdheid van de burgemeester.  

Art . 2.3

Een overzicht en de mogelijkheden van de begraafplaatsen in Zwalm

 

Begraafplaats

Mogelijkheden

Opmerkingen grafveld

1

Beerlegem

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies, bijbegravingen bij geconcedeerde graven en indien technisch mogelijk

2

Dikkele

Columbarium, Grafveld, Strooiweide, Urneveld

 

3

Hundelgem

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies, bijbegravingen bij geconcedeerde graven en indien technisch mogelijk

4

Meilegem

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

 

5

Munkzwalm

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies, bijbegravingen bij geconcedeerde graven en indien technisch mogelijk

6

Paulatem

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

 

7

Roborst

Grafveld

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies; bijbegravingen bij geconcedeerde graven en indien technisch mogelijk

8

Rozebeke

Grafveld

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies, bijbegravingen bij geconcedeerde graven en indien technisch mogelijk

9

Sint-Anna

Columbarium, Grafveld, Grafveld kinderen, Strooiweide, Urneveld, Sterretjesweide

 

10

Sint-Blasius-Boekel

Grafveld

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies,  bijbegravingen bij geconcedeerde graven

11

Sint-Denijs-Boekel

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

 

12

Sint-Maria-Latem

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

 

13

Wijlegem

Columbarium, Grafveld

Grafveld volzet m.u.v. reeds voorbehouden concessies, bijbegravingen bij geconcedeerde graven en indien technisch mogelijk

14

Kerk Nederzwalm-Hermelgem

/

Gesloten

15

Centrale Begraafplaats Nederzwalm-Hermelgem

Columbarium, Grafveld, Strooiweide

 

16

Urnenbewaarplaats Sint-Denijs-Boekel

Columbarium

 

 

Art . 2.4

De burgemeester of zijn gemachtigde ambtenaar bepaalt waar er begraven of bijgezet kan worden. Dit wordt bijgehouden in een digitaal register door de Dienst Burgerzaken

De medewerkers van het lokaal bestuur zijn bevoegd voor:

-      het plaatsen van de kist of urne in de kuil, de grafkelder, het urnegraf of de nis;

-      het delven van een graf voor begravingen of bijzettingen in volle grond en het vullen van de kuil;

-      het openen en sluiten van grafkelders;

-      het openen en sluiten van urnegraven en columbariumnissen;

-      het aanbrengen van een gedenkplaat op urnengraven en columbariumnissen;

-      het aanbrengen van een naamplaatje op de herdenkingszuil van de strooiweide.

 

De medewerker van het lokaal bestuur of de erkende begrafenisondernemer kan instaan voor:

-      het uitstrooien van de as, met in achtneming van de geldende regelgeving.

 

Hoofdstuk 3 – Beheer van de begraafplaats

Art . 3.1

Op de begraafplaatsen is het verboden een daad te stellen, een activiteit op touw te zetten of een houding aan te nemen die de openbare orde en de eerbied voor de overledenen kan storen.

Meer in het bijzonder is het verboden:

-            de begraafplaats te betreden met voorwerpen, andere dan deze bestemd voor graven of nissen;

-            met gemotoriseerd vervoer de begraafplaats te betreden, met uitzondering van de dienstvoertuigen van het lokaal bestuur en de begrafenisondernemer;

-            voorwerpen achter te laten vreemd aan de begraafplaats;

-            aanplakbiljetten, opschriften, borden of andere aankondigingstekens aan te brengen vreemd aan de begraafplaats;

-            te roepen, te zingen, te luide muziek te maken;

-            honden los te laten;

-            om het even welke handelsactiviteit uit te oefenen of koopwaren uit te stallen, te verkopen of bij wijze van reclame aan te bieden;

-            om begrafenissen of lijkstoeten te fotograferen of filmen, tenzij met toestemming van de nabestaanden en het lokaal bestuur.

 

De burgemeester kan de toegang tot de begraafplaats verbieden aan personen die deze bepalingen zouden overtreden.

 

Art 3.2

Op de begraafplaats Sint-Anna te Roborst en in de urnenbewaarplaats te Sint-Denijs-Boekel zijn er plekken voor bezinning voorzien. Deze bezinningsplekken staan open voor bezoekers die in alle rust familie en vrienden wensen te gedenken. Ook bij het afscheid nemen van de overledene kan men gebruikmaken van de bezinningsplek voor een kort moment van stilte of reflectie. Het gebruik van deze bezinningsplekken voor uitvaartdiensten is niet toegestaan.

 

Art . 3.3

Volgende personen kunnen begraven, bijgezet of uitgestrooid worden op de gemeentelijke begraafplaatsen:

-  personen die op datum van overlijden ingeschreven waren in het bevolkings-vreemdelingen- of wachtregister van de gemeente;

-  personen die de gemeente effectief bewonen, doch krachtens wettelijke bepalingen of internationale overeenkomsten vrijgesteld zijn van inschrijving in één van de registers van Zwalm;

-  personen die de gemeente ten hoogste tien jaar voor hun overlijden hebben verlaten maar gedurende minstens twintig jaar in Zwalm waren ingeschreven. Deze personen worden als inwoner beschouwd;

-  personen die de begunstigde zijn van een betalende concessie (inwoners en niet-inwoners).

 

Art . 3.4

-   De gemeentelijke begraafplaats is openbaar en neutraal. Zij staat open voor de begraving van alle personen, ongeacht hun levensbeschouwelijke of religieuze overtuiging.

-   Het lokaal bestuur kan, op vrijwillige basis en mits behoud van het neutrale karakter van de begraafplaats, afzonderlijke zones inrichten waarin rekening wordt gehouden met bepaalde religieuze voorschriften.

-  De toewijzing van dergelijke graven gebeurt op gelijkwaardige basis en zonder discriminatie.

-  Er wordt bij de begraving in de mate van het mogelijke rekening gehouden met de geloofsovertuiging van de overledene of diens nabestaanden.

 

Art . 3.5

Voor het bijzetten in bestaande graven, kan de bijzetting enkel gebeuren via de bovenkant van het graf.

 

Hoofdstuk 4 Graftekens, sierelementen en beplanting

Art 4.1

De graftekens moeten zodanig opgericht en onderhouden worden zodat zij de veiligheid, doorgang en onderhoudswerken niet belemmeren en geen schade aanbrengen aan andere monumenten of graftekens, noch aan de aanwezige verhardingen.

Bij het plaatsen van graftekens moeten de voorbereidende werken volledig buiten de muren van de begraafplaatsen uitgevoerd worden.

Na de plaatsing van graftekens mogen geen materialen of voertuigen achtergelaten worden.

Het is verboden om graftekens te plaatsen op zondagen, wettelijke feestdagen en vanaf de voorlaatste werkdag van oktober t.e.m. 2 november.

Het plaatsen en weghalen van graftekens door de begrafenisondernemer gebeurt altijd na melding van de werken aan de Dienst Grondgebiedzaken via grondgebiedzaken@zwalm.be. De werken dienen minstens 3 dagen werkdagen vooraf gemeld en toegestaan worden.

Toegebrachte beschadiging aan lanen, paden, wegeltjes of aan andere graftekens moeten binnen de 24u  gemeld worden aan het lokaal bestuur en dienen onmiddellijk hersteld te worden in hun oorspronkelijke staat nadat er werken uitgevoerd zijn. De verantwoordelijkheid en kosten hiervoor liggen bij de uitvoerder van de werken in opdracht van de nabestaanden.

 

Artikel 4.2

Een grafteken is verplicht en moet aangebracht zijn binnen het jaar van de eerste begraving. Indien er geen nabestaanden zijn, zal, zoals voorzien in art. 14 van het decreet op begraafplaatsen en lijkbezorging, de daaruit voortvloeiende kosten ten laste van de gemeente van het Vlaamse Gewest waar zij in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachtregister zijn ingeschreven of bij ontstentenis van inschrijving in een register, ten laste van de gemeente waar het overlijden plaatsvond.

Het is niet toegelaten graftekens of een levensbeschouwelijk symbool te plaatsen die door hun vorm, afmetingen, opschriften of aard van de materialen, de reinheid, gezondheid en rust op de begraafplaats kunnen verstoren.

Voor de begraafplaats van Sint-Anna te Roborst geldt inzonderheid: 

-   Bij de inwerkingtreding van dit reglement, zal bij het aansnijden van een nieuwe rij, het grafteken enkel bestaan uit een opstaand gedeelte aan het hoofdeinde. Dit kan ook bestaan uit bv. een levensbeschouwelijk symbool met aandacht voor de maximale afmetingen zoals voorzien in artikel 4.4.1.

-   het liggend gedeelte is bedekt met gras.

 

Art 4.3

In geval van een bijzetting in een grondperceel moet het grafteken verwijderd worden door en op kosten van de nabestaanden of begrafenisondernemer. Indien er geen nabestaanden zijn, wordt dit de verantwoordelijkheid van diegene die de begrafenis regelt.

In geval van een bijzetting in een kelder, wordt het grafmonument en het graf geopend door de technische dienst van het lokaal bestuur.

 

Art 4.4.1. Afmetingen voor de nieuw aan te snijden rijen op de begraafplaats Sint-Anna te Roborst

Maximale afmetingen van het opstaand grafteken en het grafperceel

Onder “opstaand grafteken”  wordt verder eveneens een levensbeschouwelijk symbool verstaan.

 

opstaand grafteken

grafperceel

 

Hoogte

Breedte

Dikte

Breedte

Lengte

grondgraf

1m

0.80 m

0.15m

1m

2m

urnengraf

0.60m

0.60m

0.15m

0.80m

0.80m

 

Art 4.4.2. Afmetingen voor de andere dan de in 4.4.1 vermeldde begraafplaatsen in Zwalm

Maximale afmetingen van het opstaand grafteken, het liggend gedeelte van de zerk en het grafperceel. Onder “opstaand grafteken”  wordt verder eveneens een levensbeschouwelijk symbool verstaan

 

opstaand grafteken

liggend gedeelte zerk

grafperceel

 

Hoogte

Breedte

Dikte

Breedte

Lengte

Breedte

lengte

Grond

graf

1m

0.80m

0.15m

0.80m

1.80m

1m

2m

Urnen

graf

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

0.50m

0.50m

0.60m

0.60m

 

Art 4.4.3. Afmetingen van de nissen

 

Breedte

Diepte

Hoogte

columbarium nissen urnenbewaarplaats Sint-Denijs-Boekel

0.4 m

0.32m

0.34m

andere nissen

0.35m

0.35m

0.35m

 

Art . 4.5

Op de begraafplaats Sint-Anna te Roborst, voor de nieuw aan te snijden rijen, na het in voege treden van dit reglement, worden er geen vaste perkplanten toegelaten. Bloemen en planten dienen in een pot voorzien te worden.

Bloemen en herdenkingsvoorwerpen mogen maximaal 40 cm verwijderd staan van het opstaand grafteken. In de week voor en de week na Allerheiligen, kan er hierop een uitzondering gemaakt worden en kunnen bloemen en herdenkingsvoorwerpen verder verwijderd staan, maar steeds binnen de perceelsgrens. 

Op alle andere begraafplaatsen worden er enkel vaste perkplanten toegelaten in de hiervoor voorziene uitsparingen in een zerk. Deze mogen niet hinderlijk zijn voor de bestaande beplanting en dienen binnen de perceelsgrenzen te blijven.

Beplanting die is aangebracht door het lokaal bestuur mag niet verwijderd worden.

Bloemen en planten op de grafpercelen, moeten steeds in goede staat onderhouden worden. Wanneer ze afgestorven zijn, moeten ze verwijderd worden. Bij gebreke kan de opruiming en verwijdering geschieden door de bevoegde dienst van het lokaal bestuur. Vanaf 15 december zullen elk jaar de uitgebloeide bloemen weggehaald worden.

Er mogen geen afsluitingen, omheiningen of afboordingen aangebracht worden aan de grafpercelen.

Er mag geen bedekking andere dan gras voorzien worden (bv geen schors, geen steenslag,… )

 

Hoofdstuk 5 Crematies

Art . 5.1

De crematie is onderworpen aan de formaliteiten bepaald bij het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en lijkbezorging.

Voor crematie is een toestemming vereist van de ambtenaar van de burgerlijke stand van het lokaal bestuur waar het overlijden werd vastgesteld, indien het overlijden in een gemeente van het Vlaamse gewest heeft plaatsgehad.

Het ereloon van de tweede beëdigde arts die de lokaal bestuur dient aan te stellen ingeval van crematie wordt bepaald op en is gelijk aan het op dit ogenblik geldende tarief voor het huisbezoek van een huisarts. Ingeval het een overlijden betreft van een niet-ingezetene van de gemeente zal dit ereloon verhaald worden op de gemeente/stad van inschrijving in het bevolkingsregister.

 

Art . 5.2

Asbestemming  op de begraafplaats:

-  Een urne kan begraven worden op de plaats van de grondgraven.

-  Een urne kan worden bijgezet in een columbarium in gesloten nissen.

-  Een urne kan worden bijgezet in een urnegraf.

-  De as van gecremeerde stoffelijke overschotten kan uitgestrooid worden op het daartoe bestemde perceel van de begraafplaats door middel van een strooitoestel dat alleen door de medewerkers van het lokaal bestuur of door de erkende begrafenisondernemer mag worden bediend, met in achtneming van de geldende regelgeving.

 

Art . 5.3

Asbestemming buiten de begraafplaats

Art. 5.3.1

De as kan worden uitgestrooid op de aan het grondgebied van België grenzende territoriale zee onder de voorwaarden die de Vlaamse regering bepaalt.

Art 5.3.2

Uitstrooiing of begraving van de as buiten de begraafplaats kan op een andere locatie dan de begraafplaats. Dit is echter niet toegestaan op het openbaar domein, met uitzondering van de begraafplaats zelf. Wanneer de gekozen locatie geen eigendom is van de overledene of zijn nabestaanden, is voorafgaande schriftelijke toestemming vereist.   

Art 5.3.3.

De as kan in een urne ter beschikking worden gesteld van de nabestaanden om te bewaren buiten de begraafplaats.

Bevoegdheid over deze asbestemming:

-  Indien de overledene een laatste wilsverklaring heeft opgesteld, wordt deze gevolgd. Bij gebrek aan deze verklaring is voorafgaand aan de crematie een gezamenlijk schriftelijk verzoek vereist van:

  • de echtgeno(o)t(e) of de persoon met wie de overledene een feitelijk gezin vormde,

en

  • alle bloed- of aanverwanten in de eerste graad.

-   De persoon die de as in ontvangst neemt, draagt de verantwoordelijkheid voor het naleven van alle wettelijke bepalingen inzake de asbestemming.

-   Op verzoek van de echtgeno(o)t(e), de persoon met wie de overledene een feitelijk gezin vormde op de dag van overlijden en de bloed- en aanverwanten tot en met de tweede graad, kan een gedeelte van de as aan hen worden meegegeven.

-   Wanneer er geen laatste wilsverklaring is en er geen partner of naaste familie beschikbaar is, kan een dichte vriend de regeling van de begrafenis op zich nemen.
In dat geval mag deze persoon beslissen om de as uit te strooien of de urne te bewaren of te begraven op een publiek toegankelijke locatie, maar niet op een private plaats.

-   Indien de bewaring op een andere plaats wordt beëindigd, dan moet de verantwoordelijke nabestaande — of diens afstammelingen — ervoor zorgen dat de as op de begraafplaats wordt begraven, bijgezet wordt in een columbarium of urnegraf, wordt uitgestrooid op de begraafplaats, wordt uitgestrooid of begraven buiten de begraafplaats cf. art 5.3.2. of wordt uitgestrooid op de aan België grenzende territoriale zee.

 

Art . 5.4

Op aanvraag kan de urne van een eerder overleden echtgenoot of partner mee begraven worden, bijgezet worden in een urnegraf of columbarium of mee uitgestrooid worden, bij de echtgenoot of partner die overlijdt, mits het volgen van regelgeving rond bijzetting. 

De eerder overledene mag tegen die mogelijkheid echter geen bezwaar hebben geuit in een laatste wilsbeschikking.

 

Art 5.5

Op de begraafplaats Sint-Anna te Roborst zijn er sedert 09.11.2025 columbaria en urnengraven voorzien die allen een uniforme afdekplaat hebben met een naambordje met voornaam, naam, geboorte-en overlijdensdata op voorzien. Deze naambordjes worden voorzien en geplaatst door het lokaal bestuur. Het college van burgemeester en schepenen worden gemachtigd de retributie hiertoe vast te stellen.

 

Hoofdstuk 6 Niet-geconcedeerde percelen/nissen

Art . 6.1

Een niet geconcedeerd graf of nis wordt minstens 10 jaar bewaard.

 

Art . 6.2

Een niet geconcedeerd graf en urnegraf is bestemd voor de begraving van 1 lijkkist of  asurne.

Een niet geconcedeerde columbariumnis is bestemd voor de bijzetting van 1 asurne. 

 

Art . 6.3

Dit reglement maakt voor het bijbegraven bij graven zonder concessie en bijzettingen van asurnen in nissen zonder concessie een onderscheid tussen situaties die zich voordeden vóór en na de datum van inwerkingtreding van dit reglement.

Situaties waarbij de reeds begraven of bijgezette persoon, begraven of bijgezet is van voor de inwerkingtreding van dit reglement:

  • Bijbegraving of bijzetting in een bestaand graf of nis zonder geldige concessie is toegestaan, op voorwaarde dat het technisch mogelijk is en op voorwaarde dat er binnen de termijn van één jaar na inwerkingtreding van dit reglement een concessie werd afgesloten voor de reeds overledene. De kosten hiervoor worden berekend vanaf de oorspronkelijke begrafenisdatum tegen het huidige tarief (met terugwerkende kracht). Een jaar na inwerkingtreding van dit reglement,  vervalt deze mogelijkheid en is  bijbegraven in niet-geconcedeerde graven en bijzettingen van asurnen in niet-geconcedeerde columbariumnissen niet meer mogelijk
  • Vervolgens valt de bijbegraving onder de normale regels voor graven of nissen mét een concessie.

Situaties waarbij de reeds begraven of bijgezette persoon,  begraven of bij gezet is na de inwerkingtreding van dit reglement

  • Bijbegravingen in niet-geconcedeerde graven en bijzettingen van asurnen in niet-geconcedeerde columbariumnissen zijn niet mogelijk.

 

Hoofdstuk 7 geconcedeerde percelen/nissen

Art . 7.1

Op de gemeentelijke begraafplaatsen worden betalende concessies verleend per persoon in een perceel grond of een nis in het columbarium voor zover de nodige ruimte hiertoe voorhanden is. Het verlenen van een concessie door het lokaal bestuur houdt geen verhuring noch een verkoop in. De concessies zijn nominatief en niet overdraagbaar. Er mag aan de concessie nooit een andere bestemming gegeven worden dan die waarvoor ze werd verleend.

Geconcedeerde graven zijn bestemd voor de begraving van maximaal 2 lijkkisten of een lijkkist & 1 asurne of 2 asurnen.

Geconcedeerde urnegraven en columbariumnissen zijn bestemd voor de begraving van maximum 2 urnen.

Het toestaan van uitzonderingen is de bevoegdheid van de burgemeester.

 

Art . 7.2

Eenzelfde concessie kan dienen voor:

-            de aanvrager;

-            zijn echtgenoot;

-            zijn bloed- of aanverwanten;

-            de persoon met wie de aanvrager op het ogenblik van overlijden een feitelijk gezin vormt;

-            allen daartoe aangewezen door de concessiehouder;

-            diegene die hun wil tot samen begraven, hebben te kennen gegeven.

De concessieaanvragen gebeuren op een daartoe door het lokaal bestuur ter beschikking gesteld aanvraagformulier. Het aanvraagformulier vermeldt de identiteit van de concessiehouder en de begunstigde(n).

Het aanvraagformulier wordt bezorgd aan de Dienst Burgerzaken.

 

Art . 7.3

De concessies worden verleend door het college van burgemeester en schepenen voor een termijn van 25 jaar per persoon.

De tarieven voor eigen inwoners worden als volgt vastgelegd:

-  voor de begraving van een niet gecremeerd stoffelijk overschot in volle grond: € 500 per persoon;

-  voor de begraving van een asurne in volle grond: € 500 per persoon;

-  voor de bijzetting van een asurne in een columbarium: € 500 per persoon;

-  voor de bijzetting van een asurne in de urnenbewaarplaats Sint-Denijs-Boekel: € 500 per persoon.

Voor niet-inwoners geldt steeds het dubbele tarief.

De tarieven hierboven worden jaarlijks aangepast telkens op 1 januari volgens volgende formule : vergoeding = startbedrag x index consumptieprijzen december jaar voor aanpassing / index consumptieprijzen december 2025, met afronding naar hoger liggende tiental.

 

Art . 7.4

Onder eigen inwoners worden verstaan:

-   de personen die op het ogenblik van overlijden ingeschreven zijn in het bevolkings-, vreemdelingen-, of wachtregister van de het lokaal bestuur;

-    de overleden personen die afgeschreven zijn van het bevolkings-, vreemdelingen-, of wachtregister van Zwalm naar een woonzorgcentrum, een instelling voor mensen met een beperking, een psychiatrische inrichting of wonen bij één van hun kinderen indien het personen betreffen die op deze plaatsen nog steeds verblijven op het ogenblik van hun overlijden;

-    de overleden personen die bijgeplaatst worden in een bestaand graf of in een gesloten nis in het columbarium van een bloed- of aanverwant(e) tot de tweede graad.

 

Art . 7.5

Concessies kunnen enkel n.a.v. het overlijden van een begunstigde worden aangevraagd.

De termijn van de concessie begint te lopen vanaf

-   de datum van de begraving;

-   op de datum van het overlijden indien de overbrenging van een stoffelijk overschot of urne van een niet-geconcedeerd graf naar een geconcedeerd wordt gevraagd.

 

Art . 7.6

De concessies kunnen verlengd worden voor een termijn van 10 jaar. De mogelijkheid tot verlenging van de concessie wordt door middel van een akte van de burgemeester of zijn gemachtigde de periode van 1 jaar voor de definitieve vervaldatum van de concessie bekendgemaakt aan het betrokken graf en aan de ingang van de begraafplaats.

Voor de urnenbewaarplaats te Sint-Denijs-Boekel zal de bekendmaking enkel aan de ingang gebeuren.

Op schriftelijk verzoek en voor het verstrijken van de toegekende concessietermijn, kan de concessie verlengd worden met een periode van 10 jaar te rekenen vanaf de eerste dag volgend op de vervaldatum van de huidige concessie. De hernieuwing geldt voor alle begunstigden.

Het tarief voor de hernieuwing wordt als volgt vastgesteld: € 20/jaar x 10 jaar (duur van de hernieuwing) x aantal begunstigden.

De concessiehernieuwingen worden verleend door het college van burgemeester en schepenen. Na het definitief vervallen van de concessie wordt geen enkele bijbegraving of bijzetting meer toegestaan.

 

Art . 7.7

Bijbegraving of bijzetting in een geconcedeerd perceel of nis waar een concessie op rust van 25 jaar, kan indien technisch mogelijk en mits het aangaan van een bijkomende concessie van 25 jaar vanaf de datum van bijbegraving of bijzetting. De concessie voor de reeds overleden persoon wordt eveneens ambtshalve vernieuwd tot dezelfde vervaldatum van de bijgezette persoon. De extra jaren die deze ambtshalve vernieuwing genereert t.a.v. de oorspronkelijke eindtermijn van de concessie worden verrekend aan het tarief geldend op dat ogenblik.

Bijbegraving of bijzetting in een geconcedeerd perceel of nis waar een concessie op rust van 50 jaar kan, indien technisch mogelijk is. Indien het een uitbreiding van de concessie betekent, wordt het tarief voor de uitbreiding berekend  op basis van het geldende tarief op dat ogenblik en het aantal resterende jaren van de concessie. Indien de resterende looptijd minder dan 10 jaar is, moet er eveneens een ambtshalve hernieuwing gebeuren voor de reeds begraven persoon voor een nieuwe termijn van 25 jaar. De extra jaren die deze ambtshalve vernieuwing genereert t.a.v. de oorspronkelijke eindtermijn van de concessie worden verrekend aan het huidige tarief.

 

Art . 7.8

Art. 9 van het decreet van 16.01.2004 op de begraafplaatsen en lijkbezorging bepaalt dat telkens na vijftig jaar en zonder vergoeding, de altijddurende concessie die krachtens het keizerlijk decreet van 23 prairial jaar XII werd verleend voor de inwerkingtreding van de wet van 20.07.1971 op de begraafplaats en de lijkbezorging, op aanvraag kan worden vernieuwd.
Bij gebrek aan procedure van hernieuwing van de eeuwigdurende concessies in het verleden door de administratie, kan er alsnog een hernieuwing retroactief worden toegestaan op uitdrukkelijke vraag van de concessiehouder of zijn nabestaanden.

 

Art . 7.9

Een concessie kan voortijdig door het college van burgemeester en schepenen beëindigd worden in de volgende gevallen:

1. Op schriftelijk verzoek van de concessiehouder, diens erfgenamen of op schriftelijk verzoek van iedere belanghebbende

- Bij de beëindiging kan de betaalde concessieprijs noch geheel, noch gedeeltelijk teruggevorderd worden.

-  Vooraleer het college tot de beëindiging beslist, zal de aanvraag gedurende 6 maanden bekendgemaakt worden aan de ingang van de begraafplaats en aan de betrokken concessie m.u.v. de urnenbewaarplaats in Sint-Denijs-Boekel, waar de bekendmaking enkel aan de ingang van de urnenbewaarplaats zal gebeuren.

-  Indien de aanvraag tot voortijdige beëindiging niet wordt ingediend door de concessiehouder, zal deze, indien gekend, schriftelijk op de hoogte worden gebracht van de aanvraag.

- Bezwaren tegen de aanvraag tot voortijdige beëindiging moeten schriftelijk ingediend worden bij het college van burgemeester en schepenen.

-  Indien er geen bezwaren tegen de voortijdige beëindiging worden ingediend, en de concessie is door het college ambtshalve beëindigd, wordt het grafteken eigendom van het lokaal bestuur.  Het college van burgemeester en schepenen bepaalt de bestemming ervan.

 

2. In geval van ernstige verwaarlozing van het graf en/of grafteken

-  Vooraleer het college van burgemeester en schepenen tot beëindiging van de concessie overgaat, wordt de procedure verwaarlozing opgestart, zie artikel 16.

-  Indien mogelijk zal de concessiehouder schriftelijk in kennis worden gesteld.

-  Bezwaren tegen een voortijdige beëindiging moeten schriftelijk worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen.

-  Na het verstrijken van die termijn en bij niet-herstelling kan het college van burgemeester en schepenen de concessie beëindigen.  

-  Het lokaal bestuur is niet gehouden tot enige terugbetaling, noch van de volledige, noch van een gedeelte van de betaalde concessieprijs.

 

In alle andere gevallen behoort de bevoegdheid tot terugneming toe aan de gemeenteraad.


Art . 7.10

Ingeval van terugneming van een geconcedeerd perceel of van een geconcedeerde nis wegens openbaar belang of dienstnoodwendigheid:

-  kunnen de concessiehouders geen aanspraak maken op enige vergoeding;

-  hebben de concessiehouders recht op een perceel of nis van dezelfde grootte op dezelfde of andere begraafplaats indien ruimte beschikbaar is.

 

Art . 7.11

Wanneer een concessie om welke reden ook een einde neemt, worden de niet weggenomen graftekens en de nog bestaande ondergrondse constructies, na het verstrijken van de concessietermijn, eigendom van het lokaal bestuur.

 

Hoofdstuk 8 Strooiweide

Art. 8

De strooiweides zijn beschikbaar voor de verstrooiing van as voor personen zoals omschreven in art. 3.3.

Nabestaanden kunnen ervoor kiezen een naambordje te laten plaatsen op de daartoe voorziene locatie. Dit bordje vermeldt de voornaam, naam en de geboorte– en de overlijdensdatum van de overledene.

Op uitdrukkelijk verzoek , gericht aan de Dienst Burgerzaken, kan eveneens een naambordje worden voorzien voor overledenen die in de voorbije jaren op de strooiweide werden uitgestrooid, voor wie nog geen bordje aanwezig is.

Om de uniformiteit te waarborgen, worden alle naambordjes voorzien en geplaatst via het lokaal bestuur. De plaatsing gebeurt tegen betaling en geldt voor een periode van minstens 10 jaar.

Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd om de verschuldigde retributie voor het naambordje vast te stellen.

Losse bloemen, bloemstukken en andere herdenkingsvoorwerpen mogen uitsluitend worden geplaatst op de daartoe aangeduide plaats.
Verwelkte bloemen en vervuilde of weggewaaide voorwerpen kunnen door het lokaal bestuur worden verwijderd.
Het aanplanten van vaste beplanting is niet toegestaan.

Het plaatsen van vaste graftekens op de strooiweide is niet toegestaan.

Het betreden van de strooiweide is niet toegestaan, behalve voor medewerkers van het lokaal bestuur en medewerkers van de erkende begrafenisonderneming.

 

Hoofdstuk 9 Urne met as van overleden gezelschapsdieren

Art. 9 

Bij het regelen van de begrafenis kunnen nabestaanden aangeven dat ze de as van reeds eerder overleden gezelschapsdieren gelijktijdig met een begunstigde wensen te begraven in een grondgraf, grafkelder, urnegraf of columbarium.

Voorwaarden:

-   De asurne van het dier moet vervaardigd zijn uit een niet-afbreekbaar materiaal.

-   Met het gezelschapsdier, wordt elk dier dat tam is en traditioneel in huis voor gezelschap of voor emotionele steun gehouden wordt, bedoeld.

-   Het gezelschapsdier moet al overleden en gecremeerd zijn op het ogenblik van het overlijden van de eigenaar.

-   Het kan gaan om as van een of meer overleden en gecremeerde gezelschapsdieren. De as van die dieren wordt verzameld in één asurne.

-   De urne met de as van een gezelschapsdier kan enkel maar samen worden bijgezet of begraven op het ogenblik van de bijzetting of begraving van de eigenaar. Latere bijzettingen van de urne met de as van een gezelschapsdier zijn niet mogelijk.

-   De urne met de as van een gezelschapsdier maakt geen deel uit van een betalende concessie en kan bijgezet worden in geconcedeerde en in niet-geconcedeerde graven. De urne met dierlijke as mag nooit de plaats innemen van een andere begunstigde of rechthebbende in een grafkelder, een urneveld of een columbarium. De urne met dierlijke as moet worden verwijderd ten gunste van de urne van die overleden persoon, indien technisch nodig.

-   De urne van een gezelschapsdier kan enkel worden begraven of bijgezet worden indien dit technisch mogelijk is en er voldoende plaats is in het respectievelijke graf, urnengraf of columbarium.

-   De wens van de overledene over het mee begraven of bijzetten van de dierlijke as hoeft niet te worden aangetoond. Het volstaat dat de nabestaanden de as van het overleden gezelschapsdier of de overleden gezelschapsdieren meegeven aan de begrafenisondernemer.

-   Bij einde van de concessie of ontgraving van de overleden eigenaar, dient de as van het gecremeerde huisdier, zoals steeds gescheiden te blijven van de menselijke resten. De as van een gezelschapsdier mag niet verstrooid worden op de strooiweide van de gemeentelijke begraafplaats.

-   De naam van het huisdier mag vermeld worden op het gedenkteken of op de afdekplaat aan het graf.

 

Hoofdstuk 10 Retroactieve thuisbewaring

Art. 10 

Nabestaanden kunnen vragen om een asurne die begraven is in een urneveld of in een columbarium is bijgezet (tijdelijk) mee naar huis te nemen.

De retroactieve thuisbewaring van een asurne moet schriftelijk , per overledene, aangevraagd worden en worden ingediend door de overlevende echtgeno(o)t(e) of samenlevende partner en de bloedverwanten eerste graad bij het college van burgemeester en schepenen. Het aanvraagdocument kan worden aangevraagd bij de Dienst Burgerzaken.  

De plaats van bewaring of verstrooiing wordt in de aanvraag aangeduid.

De collegebeslissing m.b.t. de aanvraag tot retroactieve thuisbewaring wordt gedurende een periode van 6 maanden afgekondigd aan de betrokken nis of aan het betrokken perceel m.u.v. de urnenbewaarplaats in Sint-Denijs-Boekel waar de aanplakking aan de ingang van de urnenbewaarplaats zal gebeuren. De thuisbewaring neemt een aanvang 6 maand na deze collegebeslissing.

De termijn van de niet-geconcedeerde bijzetting of begraving wordt vanaf het ogenblik van de ontgraving stopgezet.

De geconcedeerde nis of perceel wordt gedurende een termijn van 2 jaar bewaard. De bewaringstermijn heeft geen invloed op de oorspronkelijke toegekende concessietermijn. Bij concessies, indien de thuisbewaring ophoudt, kan de asurne terug bijgezet worden in dezelfde nis of perceel, gedurende de bewaringstermijn van 2 jaar. Wanneer de thuisbewaring na de wettelijke bewaringstermijn van 2 jaar wordt verdergezet, wordt de concessietermijn opgeheven en wordt het grafteken ambtshalve verwijderd.

Wanneer de thuisbewaring ophoudt, kan de bewaarder de asurne terugbrengen naar de begraafplaats om:

-   de as te verstrooien;

-   of bij te zetten in de nog bestaande concessie binnen de bewaringstermijn van twee jaar;

-   of bij te zetten in een nieuwe concessie.

Het uitnemen en/of terugplaatsen van de urne uit het columbarium of urnengraf zijn handelingen die worden uitgevoerd door een medewerker van het lokaal bestuur. Het college van burgemeester en schepenen worden gemachtigd de retributie hiertoe vast te stellen.

 

Hoofdstuk 11 Urnenbewaarplaats Sint-Denijs-Boekel

Art . 11.1

De toegang tot het gebouw vereist een verplichte registratie via de elektronische identiteitskaart.

Door zich toegang te verschaffen aanvaardt de gebruiker dat zijn persoonsgegevens worden verwerkt in functie van beveiliging of overlast in het gebouw zoals vastgelegd in de privacyverklaring van het lokaal bestuur, in overeenstemming met de Europese privacywetgeving (de Algemene Verordening Gegevensbescherming, afgekort als AVG of GDPR) en de relevante federale en Vlaamse wetgeving. Deze privacyverklaring is terug te vinden op de website van de gemeente.

 

Art . 11.2

Er wordt een naambordje met voornaam, de naam, geboorte-  en overlijdensdata voorzien en geplaatst door het lokaal bestuur.  

Het college van burgemeester en schepenen worden gemachtigd de retributie hiertoe vast te stellen.

 

Art . 11.3

Bloemen en herdenkingssymbolen mogen enkel worden geplaatst op de voorziene, aangegeven plaats. Permanente gedenksymbolen zijn niet toegelaten.

De bloemen zullen tweewekelijks worden opgeruimd.

 

Art. 11.4

De bezinningsplaats staat open voor bezoekers die in alle rust wensen te gedenken. Ook bij  het bijzetten van een urne kan men gebruikmaken van de bezinningsplek voor een kort moment van stilte of reflectie. Het gebruik van deze plek voor uitvaartdiensten is niet toegestaan.

 

Hoofdstuk 12 Sterretjesweide en kinderbegraafplaats

Art. 12

Voor de ouders en familie van een stilgeboren kindje, waarvan de zwangerschap minder dan 180 dagen duurde en waarvoor geen aangifteplicht is bij de burgerlijke stand van de geboorteplaats, bieden wij een sterretjesweide, een symbolische afscheidsplek aan op de begraafplaats St-Anna. Op deze plek kunnen de ouders hun kindje herdenken met een symbolisch gedenkteken waar naam en datum opstaan. Dit symbolisch gedenkteken kan aangevraagd worden bij de Dienst Burgerzaken.

Andere persoonlijke ornamenten of graftekens zijn niet toegelaten.  

Naast deze sterretjesweide kunnen stilgeboren kindjes, ongeacht de duurtijd van de zwangerschap, op verzoek van de ouders begraven of bijgezet worden. Voor het begraven of bijzetten van deze stilgeboren kindjes dient de wetgeving rond eventuele aangifteplicht (afhankelijk van de duurtijd van de zwangerschap) gevolgd te worden. Er dient ook steeds een aanvaardingsbewijs afgeleverd te worden door het lokaal bestuur.

De ouders, woonachtig te Zwalm, van een stilgeboren kindje van minder dan 180 dagen kunnen dit ook registreren in het sterrenregister van het lokaal bestuur. Het sterrenregister is er ook voor kindjes die al lang geleden stilgeboren zijn en waarvoor toen geen enkele vorm van registratie mogelijk was. De aanvraag tot deze symbolische registratie kan zowel via het digitaal loket als aan het fysieke loket burgerzaken.

 

Hoofdstuk 13 Ereperken oud-strijders, erkende verzetsstrijders en oorlogsslachtoffers - graven van lokaal historisch belang

Art . 13.1

Op alle Zwalmse begraafplaatsen worden de graven van oud-strijders en erkende verzetsstrijders die als dusdanig zo zijn aangeduid en geïnventariseerd en in een inventaris vastgesteld door het college van burgemeester en schepenen, beschermd.

Voor deze als dusdanig erkende perken en graven gelden:

-de onderhoudsplicht voor deze graven valt ten laste van het lokaal bestuur;

-deze graven zullen genieten van een kosteloze concessie van 25 jaar die telkens ambtshalve kosteloos verlengbaar is door het college van burgemeester en schepenen voor dezelfde duurtijd.

De inventaris van deze graven wordt bijgehouden door de Dienst Burgerzaken en kan opgevraagd worden bij deze dienst.

 

Art . 13.2

Voor Zwalmse militairen die als eigen inwoner beschouwd worden en die als oorlogsslachtoffers zouden sneuvelen tijdens lopende of toekomstige militaire opdrachten kan er schriftelijk een aanvraag gebeuren door de nabestaanden, met toevoeging van het  nodige bewijsmateriaal.

Voor deze als dusdanig erkende graven gelden:

-            De nabestaanden staan in voor de kosten van het grafteken.

-            De onderhoudsplicht voor deze graven valt ten laste van lokaal bestuur.

-            Deze graven zullen genieten van een kosteloze concessie van 25 jaar die telkens ambtshalve kosteloos verlengbaar is door het college van burgemeester en schepenen voor dezelfde duurtijd.

-            Bijbegraving of bijplaatsing kan kosteloos worden toegestaan door het college van burgemeester en schepenen indien dit technisch mogelijk is.

-            Een bijbegraving of bijplaatsing verandert in dit geval de looptijd van de concessie niet.

 

Art. 13.3

Ingevolge art. 26 § 2 van het decreet van 16 januari 2004 kunnen graven met lokaal historisch belang als kleine, onroerende erfgoedelementen worden beschouwd. Het college van burgemeester en schepenen bepaalt de erfgoedwaarde van een graf op basis van de historische, volkskundige, architecturale, artistieke en/of socio-culturele waarde.  

Voor deze als dusdanig erkende graven gelden:

-            Het onderhoud  van deze graven valt ten laste van het lokaal bestuur.

-            De graven die op de inventaris vermeld staan worden gedurende 50 jaar bewaard. Deze termijn is steeds verlengbaar door het college van burgemeester en schepenen.

De inventaris van deze graven wordt bijgehouden door de Dienst Burgerzaken en kan opgevraagd bij deze dienst.

Hoofdstuk 14 ontgravingen

Art . 14.1

Ontgravingen zijn enkel mogelijk:

-           op bevel van de gerechtelijke overheid;

-           bij terugneming van een geconcedeerd perceel of nis wegens openbaar belang of dienstnoodwendigheden;

-           bij wijziging van de bestemming of inrichting van de begraafplaats;

-           op verzoek van belanghebbenden en mits schriftelijke toelating van de burgemeester

 

Art . 14.2

Het verlenen van toestemming tot opgraving door de burgemeester kan enkel om ernstige redenen. De aanvraag tot ontgraving dient door de overlevende echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner en de bloedverwanten eerste graad schriftelijk te worden gericht aan de burgemeester.

Ingeval van herbegraving moet vooraf een toelating tot begraven worden verkregen op een van de begraafplaatsen in Zwalm of een begraafplaats buiten het lokaal bestuur. Het stoffelijk overschot moet onmiddellijk naar de nieuwe bestemming worden vervoerd en begraven, mits inachtneming van alle voorschriften terzake.

Dag en uur van de ontgraving worden in overleg met de Dienst Burgerzaken en Dienst Grondgebiedzaken vastgelegd. Het grafteken en alle andere voorwerpen die het openleggen van het graf kunnen bemoeilijken, moeten worden verwijderd door de aanvrager vooraleer tot de ontgraving kan worden overgegaan.  

Het openleggen van het graf, het openen van grafkelders, het lichten van de kist uit het graf, het uitnemen van de urne uit het columbarium of urnengraf en het vullen van de kuil  zijn handelingen die worden uitgevoerd door het personeel van het lokaal bestuur of door hiertoe gerechtigde personen.  

Alle kosten zijn ten laste van de aanvragers.

Het college van burgemeester en schepenen worden gemachtigd de retributie hiertoe vast te stellen.

 

Art . 14.3

Tijdens de ontgraving wordt de begraafplaats (gedeeltelijk) voor het publiek afgesloten en visueel afgeschermd. Bij ontgraving zullen enkel de door de burgemeester gerechtigde personen aanwezig zijn.

 

Hoofdstuk 15 ontruiming van graven

 Art. 15 

Wanneer de termijn van een niet-geconcedeerd perceel/nis of van een concessie verstreken is, kan de burgemeester of zijn gemachtigde overgaan tot de opstart van de procedure ontruiming.

In dit geval maakt de burgemeester of zijn gemachtigde hiervan een akte op die aan het graf en aan de ingang van de begraafplaats aangeplakt wordt. Met uitzondering van de urnenbewaarplaats van Sint-Denijs-Boekel waar de akte enkel aan de ingang zal aangeplakt worden. Na aanplakking van de akte gedurende 1 jaar, kan er worden overgegaan tot ontruiming van de percelen. 

De belanghebbenden hebben het recht om bij een geplande ontruiming van een graf, de graftekens weg te nemen. De geplande ontruiming en de periode waarin graftekens kunnen worden weggenomen worden in de akte vermeld.

Na het verstrijken van de termijn vermeld in de aanplakking, worden de graftekens eigendom van het lokaal bestuur en worden ze van ambtswege verwijderd.

Het college van burgemeester en schepenen beslist over de bestemming van deze materialen.

In geval van ontknekeling van een perceel worden de stoffelijke resten overgebracht naar de knekelput op de begraafplaats Sint-Anna te Roborst.

 

Hoofdstuk 16 verwaarlozing van graven

Art . 16.1

Verwaarlozing staat vast als het graf doorlopend onzindelijk, door plantengroei overwoekerd, vervallen, ingestort of bouwvallig is. In dit geval kan de procedure verwaarlozing worden opgestart.

De verwaarlozing wordt in een akte van de burgemeester of zijn gemachtigde vastgesteld. Een akte van verwaarlozing blijft 1 jaar bij het graf en aan de ingang van de begraafplaats aangeplakt m.u.v. de urnenbewaarplaats in Sint-Denijs-Boekel waar de akte enkel aan de ingang zal aangeplakt worden.

Na het verstrijken van die termijn en bij niet-herstelling kan het college van burgemeester en schepenen, in geval van een concessie, een voortijdig einde maken aan de concessie en overgaan tot ontruiming. 

Er wordt dan overgegaan tot afbraak of tot het wegnemen van de materialen. De van ambtswege verwijderde graftekens en sierelementen worden eigendom van het lokaal bestuur.  

 

Art . 16.2

Ingeval van dringende noodzakelijkheid kunnen graftekens of een gedeelte ervan  ambtshalve door de burgemeester worden weggenomen, zonder verhaal of aanspraak op een vergoeding. De dringende noodzaak wordt door de burgemeester in een akte vastgesteld.

De akte wordt aan het betrokken graf en aan de ingang van de begraafplaats bekendgemaakt. Met uitzondering van de urnenbewaarplaats van Sint-Denijs-Boekel waar de akte enkel aan de ingang zal aangeplakt worden.

Zij zal verstuurd worden aan eventueel gekende nabestaanden.

 

Hoofdstuk 17 Sluiting van een begraafplaats

Art. 17 

Ingeval van sluiting van een begraafplaats ingevolge de aanleg van een nieuwe begraafplaats, kunnen de belanghebbenden van een geconcedeerd perceel of nis een aanvraag indienen tot het bekomen van een perceel van dezelfde oppervlakte of nis op de nieuwe begraafplaats.

De aanvraag dient binnen 1 jaar na gemeenteraadsbeslissing m.b.t. de sluiting, te gebeuren.

Het lokaal bestuur draagt de kosten voor ontgraving, overbrenging en herbegraving of bijzetting. De overige kosten zijn voor de belanghebbende.

 

 

Besluit

Art. 1 - Het begraafplaatsenreglement zoals opgenomen in bijlage wordt goedgekeurd.

Art. 2 - Het gemeenteraadsbesluit 30.05.2024 houdende "Reglement houdende vaststellen tarieven en begraafplaatsconcessies - vaststellen ereloon beëdigde arts - bevoegdheidsvaststelling verlenen begraafplaatsconcessies - aanpassing en hercoördinatie" en alle andere besluiten waarvan door dit reglement bepalingen worden gewijzigd, worden opgeheven voor alle aanvragen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit. 

Art. 3 - Dit besluit treedt in werking en wordt bekendgemaakt conform het decreet lokaal bestuur.